nieuws

Column: Een cadeautje van Myrthe van der Meer

Geen categorie

Soms krijg je als redactie zomaar iets moois in de schoot geworpen. Een cadeautje. We vroegen auteur Myrthe van der Meer – onder meer bekend van de autobiografische roman PAAZ – een korte anekdote te schrijven voor de rubriek Mijn moment.

Column: Een cadeautje van Myrthe van der Meer

Myrthe kwam met een volwaardige column op de proppen, waarvoor we haar dankbaar zijn. Te lang voor het blad (naast dankbaar dus ook streng), maar gelukkig is er dan het internet. Meer weten over Myrthe en haar werk? Klik onderaan op de cover van PAAZ.

Een daad van gastvrijheid

Wat is gastvrije zorg? Toen ik hierover nadacht, vond ik het tot mijn verbazing een moeilijke vraag. Zelf ben ik in totaal drie keer opgenomen geweest op drie verschillende locaties, met steeds weer nieuwe artsen, therapeuten en verpleegkundigen en heb hier in de vorm van PAAZ een compleet boek over geschreven – en toch bleek het moeilijk om een specifieke ‘daad van gastvrijheid’ te herinneren.

Wat is gastvrijheid? Hoe zorg je voor een gevoel van gastvrijheid binnen de vaak toch kille muren van de ziekenhuispsychiatrie, en wat moet je als instantie of hulpverlener wel niet allemaal doen om daar weer iets van warmte in terug te brengen? En toen besefte ik dat gastvrijheid helemaal niet iets is wat je doet; het is iets wat je bent. Gastvrijheid zit niet in de grote gebaren, niet in de revolutionaire gebeurtenissen die de geschiedenisboeken in zullen gaan, maar juist in de heel kleine dingen. Gebaren die eigenlijk niet eens opvallen, maar die er ongemerkt voor zorgen dat je je als patiënt gezien voelt – en dan even niet als patiënt, maar als mens.

Kussen

Tijdens mijn eerste opname op de Paaz leed ik aan een ernstige slaapstoornis en lag ik nachtenlang wakker. Toen een verpleegkundige vroeg hoe ik dat in vredesnaam volhield, zei ik dat het voor een depressie niet uitmaakt of je staat of ligt, maar dat een tweede kussen misschien wel fijn zou zijn. Waarna hij de hele Paaz afzocht naar een extra kussen, en toen ze op bleken naar het ziekenhuis ging en daar net zo lang doorvroeg tot hij er een vond. Toen ik achteraf via een collega hoorde hoeveel moeite hij had gedaan voor dat ene, armzalige kussen voor die ene, armzalige patiënt, besloot ik natuurlijk acuut om nooit meer iemand met een vraag te belasten (je bent depressief of niet), maar het voelde tegelijkertijd ook wonderbaarlijk fijn. Want het was niet de patiënt in mij die om dat kussen had gevraagd, maar gewoon ik als mens, en dat was blijkbaar net zo waardevol.

Vereerd

Dat wat mij als patiënt het gevoel gaf dat ik niet helemaal waardeloos was, dat ik misschien nog iets van bestaansrecht had, al was het maar binnen de psychiatrie, zat juist in dat soort kleine dingen, het menselijke contact. Zoals de verpleegkundigen die als het rustig was het gezellig vonden om ’s avonds met ons patiënten in de huiskamer tv te kijken. Natuurlijk was onze televisie ook gewoon groter dan die in hun kantoortje, maar ik voelde me als patiënt toch vereerd dat iemand er blijkbaar vrijwillig voor koos om in mijn buurt te zijn. Of de verpleegkundige die ’s avonds stiekem voor ons echte koffie en chocolademelk meenam vanuit de kantine omdat die net iets minder drabbig smaakte dan die op de afdeling. Het hoeft niet, het stond nergens in een protocol of taakomschrijving (waarschijnlijk zelfs juist niet), maar juist dat maakte het zo fijn.

Koffie

Voor gastvrijheid is eigenlijk niets anders nodig dan je in de ander te verplaatsen. Maar dan ook echt in de ander: niet in de ziekte, niet in ‘hoe zou ik me in zo’n situatie voelen als ik manisch of depressief was’, maar stomweg ‘hoe zou ik me voelen in zo’n situatie?’ En dan blijkt gastvrijheid eigenlijk heel simpel, en niets anders dan zorgen voor de ander zoals je wilt dat er gezorgd zou worden voor jezelf. Want dat iemand schizofreen is en op dat moment op de Paaz hoort, betekent niet dat hij niet ook net als ieder ander gewoon liever een lekker dan een vies kopje koffie wilt. En dat extra kussen zal echt niet het verschil maken tussen slapen en weer een nacht wakker liggen – maar het zorgt er misschien wel voor dat iemand net iets comfortabeler wakker ligt dan anders.

Na twee weken moest het kussen trouwens weer terug; het ziekenhuis was nu ook door zijn voorraad heen. En ik? Ik lag de volgende nacht net zoals altijd weer wakker, nu zonder dat fysieke steuntje in de rug. Maar eigenlijk maakte me dat niet meer uit; het gebaar alleen bleek al steun genoeg.

-Myrthe van der Meer

Lees ook de column van Tamara van de Beek!

PAAZ - Myrthe van der Meer

 

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels