nieuws

Uitdagingen rond de zorgmaaltijd bij kleinschalig wonen

Services

Zorgmedewerkers die op kleinschalige woongroepen voor de maaltijd verantwoordelijk zijn, hebben te maken met vele uitdagingen. Dat blijkt uit onderzoek door Van Hoeckel in samenwerking met uitgeverij Vakmedianet. Mark van den Brink, marketing manager bij Van Hoeckel, deelde in zijn presentatie op de Dag van de Gastvrijheid 2017 de belangrijkste resultaten.

Uitdagingen rond de zorgmaaltijd bij kleinschalig wonen
Mark van den Brink. Foto: Dennis Wisse – Fotoburo Roel Dijkstra

De massale invoering van kleinschalig wonen heeft vele gevolgen, bijvoorbeeld voor het contact tussen zorginstelling en leverancier, vertelt Van den Brink. “Voorheen hadden wij als Van Hoeckel een relatie met 150 à 200 mensen in de zorg, maar dat zijn er veel meer geworden doordat er in de kleinschalige woonvormen meerdere zorgmedewerkers zijn, die vaak ook parttime werken. Daarom vonden wij het tijd voor een verdiepingsonderzoek naar de uitdagingen die leven rond de maaltijd in kleinschalige woonvormen.”

Te weinig tijd

Het onderzoek bestond uit gesprekken met medewerkers en een enquête waarop circa 140 mensen reageerden. Een van de inzichten: men ervaart tijdsdruk. “37 procent geeft aan te weinig tijd te hebben; soms leidt dit er zelfs toe dat er een maaltijd wordt overgeslagen.” “Maar”, vervolgt Van den Brink, “heel vaak wordt het ook opgelost door hulptroepen bij de maaltijd te betrekken, zoals familie en vrijwilligers.”

Hij noemt een positief voorbeeld van iemand die de Huishoudschool gedaan had en die heel graag kookt. “Maar veel van haar collega’s zien de maaltijd juist als ballast; zij willen zorgen en niet koken. Hoe gaan we daarmee om? Daarnaast is er sprake van decentralisatie en moeten de medewerkers steeds meer op eigen benen staan.”

Geen behoefte aan scholing

Wat betreft aanwezige kennis valt op dat het grootste deel geen primaire opleiding heeft op het gebied van eten en drinken, maar, verbaast Van den Brink zich, “75 procent heeft geen behoefte aan scholing op dit vlak. Wel geven ze aan interesse te hebben in zaken als menusamenstelling, bereiding en producten.”

Meer diëten en steeds meer taken

In de toekomst ziet 71 procent een steeds complexere zorgvraag op zich afkomen, vervolgt Van den Brink. “Met meer diëten zal het er niet gemakkelijker op worden. Ook wordt er steeds meer zelfsturing verwacht en is er een tekort aan vaste medewerkers.”
Hij stipt nog een aantal ontwikkelingen aan, zoals meer aandacht voor gezonde voeding, het probleem van ondervoeding en het uitbreidende takenpakket van de zorgmedewerkers.

Ergernissen en wensen

75 procent van de respondenten ervaart ergernissen. “De grootste ergernissen: dat men niet met verse, gezonde producten kan werken en dat men te weinig tijd heeft.” Niet zo gek dat bij de genoemde wensen ook weer ‘meer tijd’ terugkomt, evenals meer keuzemogelijkheden en meer variatie.

Vanuit de zaal wordt gezegd dat er ook handen te kort zijn om aan tafel te helpen bij het eten. “Met het gevolg dat wij gaan rondrennen als een kip zonder kop, en dat komt de rust rond de maaltijd niet ten goede.” Van den Brink: “De maaltijd zou juist een rustmoment moeten zijn, waardoor je uiteindelijk bespaart op andere zorgkosten. Het is niet goed als medewerkers een gat moeten dichtlopen.”

Zie ook: Fotoverslag Dag van de Gastvrijheid

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels